Skip to main content

Sommige mensen lopen niet warm voor kamperen. Zij zien zichzelf niet met een wc-rolletje in de hand achter in de rij aansluiten bij camping-toiletten en hebben geen zin om met gasbrandertjes koffie of snert warm te maken. Ook krijgen zij het al Spaans benauwd bij de gedachte aan claustrofobische tentjes. Deze mensen vinden dat kamperen synoniem staat voor primitief en ontbering. Zij houden vast aan de mantra ‘kamperen is creperen’.

Witte truffel

Kamperen kan inderdaad back to basic zijn. Wie wekenlang backpackend de Schotse Hooglanden gaat verkennen, kan op weinig luxe rekenen. Dan moet je de skills hebben om zalmen uit rivieren te hengelen, om van niet-drinkbaar water een te consumeren goedje te maken en om onder erbarmelijke weersomstandigheden tentjes op te kunnen tuigen. Maar kamperen kan ook op een extreem luxe manier georganiseerd worden. Waarbij een legertje personeel picknickmandjes samenstelt van kakelverse toast, witte truffel en glinsterende kaviaar. Waarbij je ’s avonds bij het kampvuur getuige bent hoe sommeliers champagneflessen sabreren en het hemelse drankje voor ieder die wil inschenken. En waarbij je uiteindelijk ’s nachts naar dromenland kunt vertrekken onder een dekbed gevuld met eiereendendons. Kortom: welkom in de wereld van glamping!

Glamping 

Glamping zag het levenslicht in de beginjaren van de vorige eeuw. Dat was de tijd dat op safari gaan in zwang kwam onder de aristocraten van Groot-Brittannië en Amerika. Zij lieten zich comfortabel rondrijden over de Afrikaanse savannes waarbij ze doorlopend hun dubbelloops jachtgeweren ledigden op leeuwen, olifanten, giraffen en ander groot wild dat ongelukkigerwijze in hun vizier terechtkwam. Omdat vijfsterrenhotels toentertijd in geen velden of wegen te bekennen waren op de graslanden van Zuid-Afrika, Kenia en Tanzania, namen de welgestelde avonturiers hun eigen luxe safaritenten mee. Tegenwoordig is glamping niet alleen meer weggelegd voor de happy few, maar is er een hele industrie ontstaan van luxe kamperen in safaritenten, tipi’s en yurts, waardoor deze manier van vakantievieren voor iedereen haalbaar is geworden. 

Champing

Geïnspireerd door het fenomeen glamping is er sindskort een nieuw rage ontstaan: ‘champing’! Kunnen we het woord glamping ontleden in ‘glamorous’ en ‘camping’; het woord champing valt uiteen in ‘church’ en ‘camping’. Dus iedereen die luxe wil kamperen in kerken, kan zich tot champing bekeren. Maar zijn godshuizen niet de plaatsen waar mensen in alle rust en sereniteit hun geloof belijden? Jazeker! Er zijn tegenwoordig echter veel kerken waar geen dominee of pastoor meer te bekennen valt; waar de laatste dienst of mis decennia geleden plaatsvond. Nederland telde ooit negentienduizend kerken; daarvan zijn er nu nog zevenduizend over. Vierduizend van deze kerken dienen nog een religieus doel; de overige hebben een andere bestemming gekregen. Zo hebben sommige voormalige kerkgebouwen een ware metamorfose ondergaan en zijn nu hippe appartementencomplexen waar yuppen voor in de rij staan om er mogen wonen! Andere godshuizen maken dus champing mogelijk en daarmee kun je kamperen in een kerkgebouw!

Vloeken in de kerk

Sommige gelovigen walgen bij het idee het huizen van god worden aangewend voor doeleinden waarvoor ze niet opgericht zijn; voor hen is het vloeken in de kerk als daar restaurants, winkels of woningen verrijzen. Maar zij zijn in de minderheid. Het leeuwendeel van de bevolking vindt het prachtig als bijzondere gebouwen, zoals leegstaande kerkgebouwen een nieuw leven wordt ingeblazen!

Laat een reactie achter

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.